De Pols

Bij het bespreken van pols instabiliteit is het handig iets te weten over de pols. In het kort beschrijf ik hier wat je tegenkomt op het moment dat je in de pols gaat kijken. 

Botten:

In de onderarm zitten 2 botstukken (Ellepijp en Spaakbeen) dit is de basis van het polsgewricht. Vervolgens zitten er twee rijen met onregelmatig gevormde botjes (acht botjes, 2 rijen van 4) die ten opzichte van elkaar en van het Spaakbeen bewegen. In de handpalm bevinden zich 4 middenhandsbeentjes.

Banden en kapsel:

Alle gewrichten in ons lijf hebben banden en een gewrichtskapsel. Beide hebben een functie bij het bewegen van het gewricht. De banden zorgen voor stabiliteit en sturing bij bewegen van een borstuk. Alle botten in het polsgewricht zijn verbonden door korte en langere banden.

Spieren:

Zodra je een actie uitvoert met de hand zijn spieren actief. Rond het pols gewricht zijn polsstrekkers en polsbuigers actief. De polsstrekkers zijn belangrijk bij stabiliteit van het polsgewricht.


Wanneer krijg je nu polsinstabiliteit

Wanneer je valt en de polsen overbelast of je hebt activiteiten waarbij herhaaldelijk overbelasting van de polsen plaatsvindt kan het gebeuren dat de banden in de pols overrekken danwel scheuren. Ook zou het kunnen zijn dat het gewrichtskapsel te slap wordt. Daarnaast zie dat de spieren rondom de pols niet in staat zijn om het polsgewricht optimaal te laten functioneren. Bij instabiliteit klachten klagen veel mensen over pijnklachten bij belasten; een pijnlijke klik bij belasten/bewegen en soms ook over een gevoel dat de pols zwikt.


Wat te doen bij polsinstabiliteit. 

Wat je kunt doen hangt af van de schade die er is. Om dat te beoordelen ga je naar een handtherapeut. De handtherapeut inventariseert het klachten beeld, doet testjes en analyseert vervolgens het beeld. Indien de schade met een grote mate van waarschijnlijkheid groot is, zal de handtherapeut je adviseren een specialist te bezoeken. Bij mij krijg je dan een briefje mee met mijn analyse. Wanneer de schade meevalt wordt je aangeboden om doormiddel van een oefenprogramma de spier kwaliteit te verbeteren. Mogelijk zal eerst secundaire problematiek behandeld moeten worden, ik denk aan verhoogde spierspanning, triggerpoints en gewrichten die een verminderde beweeglijkheid hebben.